Categorieën
Sterrenkunde

Andere baan Jupiter kan aarde nóg leefbaarder maken

Wie een blik werpt op de andere planeten in ons zonnestelsel, zal al gauw zeggen: ‘Bewoonbaarder dan de aarde wordt het niet.’ Ga je een eindje richting de zon, dan wordt het al snel te heet voor leven. Ga je de andere kant op, dan wordt het al gauw te koud. Maar maakt dat de aarde daadwerkelijk het toppunt van ‘leefbaarheid’? Of kan het stiekem nóg een stukje beter?

Ja, stellen Pam Vervoort, promovendus aard- en planeetwetenschappen aan de Universiteit van Californië te Riverside en collega’s in een nieuw wetenschappelijk artikel. Als Jupiters baan een andere vorm had gehad, was de aarde nog wat bewoonbaarder geweest.

Lees het hele stuk, inclusief kritische reactie van sterrenkundige Simon Portegies Zwart, op de KIJK-site.

Categorieën
Sterrenkunde

Bennu blijkt ballenbak

De planetoïde Bennu blijft verbazen. Eerder vond NASA’s ruimtescheepje OSIRIS-REx al water op de kleine ruimterots, die bovendien ouder bleek dan gedacht en steeds sneller om zijn as draait. Verder is het oppervlak van Bennu geen gladde zandvlakte, zoals wetenschappers van tevoren verwachtten, maar is het ruw en bezaaid met stenen.

Nu blijkt bovendien dat die stenen niet ‘aan elkaar plakken’, maar een soort ballenbak vormen. En daar zakte OSIRIS-REx een heel eind in weg toen de sonde in oktober 2020 naar de planetoïde afdaalde om materiaal op te pikken.

Lees het hele bericht bij Scientias.

(Ook weer een wat ouder stukje; eventjes in de vakantietijd mijn archief aan het bijwerken…)

Categorieën
Sterrenkunde

Deze planeten maken de grootste kans op een bewoonbare maan

Inmiddels zijn er meer dan vijfduizend exoplaneten ontdekt; planeten die een baan beschrijven rond een andere ster dan onze zon. Maar op de eerste bevestigde ontdekking van een exomáán – een maan rond een exoplaneet – wachten we nog steeds. Toch hebben sterrenkundige Vera Dobos (Rijksuniversiteit Groningen) en collega’s alvast geprobeerd uit te zoeken welke exoplaneten de grootste kans maken om een bewóónbare maan te hebben.

Lees het hele (alweer wat oudere) bericht bij Scientias.

Categorieën
Sterrenkunde

Twijfels over donkere energie in het zomernummer van KIJK

Ik ben – bekentenis – vroeger nooit daadwerkelijk KIJK-abonnee geweest. Wel kocht mijn vader altijd een nummer als we op vakantie gingen, voor op de achterbank. En dat nummer ploos ik dan van voor tot achter uit. Tot de schaakrubriek aan toe, ook al schaakte ik helemaal niet. Je leest iets of je leest het niet, redeneerde ik blijkbaar toen.

Wie nu op vakantie gaat, kan nog steeds terecht bij KIJK, waarvan net het extra dikke zomernummer is verschenen. Zelf schreef ik daarvoor een artikel over het idee dat de donkere energie, die het heelal steeds sneller uit zou laten dijen, volgens onder meer de Oxfordse hoogleraar Subir Sarkar mogelijk niet bestaat.

Interessant is het om naar aanleiding daarvan deze eerdere, twijfelende blogpost terug te lezen, toen ik voor het eerst iets had geschreven over Sarkars werk. Inmiddels geeft dit opiniestuk voor New Scientist mijn mening beter weer: ik zeg niet dat donkere energie niet bestaat, maar vind wel dat je constant het huidige model van de kosmologie op alle denkbare manieren moet blijven bevragen. Ik zie in deze tak van sport iets te veel ‘het is hoe we zeggen dat het is en daarmee basta’ en iets te weinig ‘he, interessant, vertel eens wat meer’, als iemand een scheurtje in ons beeld van het heelal lijkt te hebben gevonden.

Ook in dit nummer: mijn Far Out over het idee om zwaartekrachtgolven te meten door de afstand tot de maan goed in de gaten te houden, en mooie artikelen over de winnaars en verliezers van de energietransitie, hoe ons geheugen ons parten kan spelen als we een alibi moeten geven, het leven van Anthony Fokker, en meer. Geen schaakrubriek, trouwens.

Bestel het zomernummer van KIJK hier.

Categorieën
Sterrenkunde

Is de hubblespanning weg te nemen door het jonge heelal op te schalen?

Hoe verder een sterrenstelsel van ons vandaan staat, hoe sneller het van ons vandaan beweegt. Dat stelden verschillende astronomen, waaronder de Amerikaan Edwin Hubble, in de eerste decennia van de twintigste eeuw vast. Dit is het gevolg van het feit dat het heelal sinds de oerknal uitdijt. Maar met welke snelheid doet het dat? Daarover discussiëren astronomen de laatste jaren flink: verschillende meetmethodes geven verschillende antwoorden.

Nu stellen de Amerikaanse astrofysici Francis-Yan Cyr-Racine (Universiteit van New Mexico), Fei Ge en Lloyd Knox (beide Universiteit van Californië te Davis) een uitweg voor. Als we het vroege heelal op de juiste manier manipuleren én aannemen dat zogenoemde spiegeldeeltjes bestaan, kunnen we uitkomen op één uitdijsnelheid van het heelal.

Lees het hele artikel bij Scientias. (Maar het had ook zomaar een Far Out-aflevering in KIJK kunnen zijn…)

Categorieën
Sterrenkunde

Recordaantal elementen herkend in één ster

Hoe ontstaan de elementen waar alles om ons heen van gemaakt is? Voor de zwaardere atoomsoorten zijn we daarbij aangewezen op gewelddadige gebeurtenissen in het heelal: botsende neutronensterren of zware sterren die als supernova exploderen. Om dat proces beter te kunnen doorgronden, hebben astronoom Ian Roederer (Universiteit van Michigan) en collega’s zoveel mogelijk elementen geïdentificeerd in de ster HD 222925.

Onder andere blijkt deze ster in het sterrenbeeld Toekan een aantal metalen te bevatten waar de harten van ons aardbewoners altijd sneller van gaan kloppen: zilver, goud en platina. Maar ook de elementen wolfraam, molybdeen, osmium en iridium, om er maar vier te noemen, maken deel uit van de ster.

Lees het hele bericht bij Scientias.

Categorieën
Overige wetenschap Sterrenkunde

Hoe zien aliens eruit?

Die vraag beantwoord ik – een beetje – in het coververhaal van het meinummer van KIJK.

Preciezer is de vraag: wat kan de aardse evolutie ons vertellen over leven op andere planeten? Welke eigenschappen delen de organismen hier waarschijnlijk met organismen die zijn ontstaan hier lichtjaren vandaan, onder heel andere omstandigheden?

KIJK 5/2022
Categorieën
Sterrenkunde

Drie aardscheerders blijken toch geen gevaar

Als een planetoïde of komeet de aarde raakt, kan dat enorme gevolgen hebben – vraag maar aan de dino’s. Daarom houden de Europese ruimtevaartorganisatie ESA en diens Amerikaanse evenknie NASA een Risk List bij met planetoïden die binnen honderd jaar kans maken in te slaan op onze planeet. Van die lijst zijn recent drie exemplaren geschrapt, die bij nader inzien toch geen gevaar voor ons vormen.

Dat was mogelijk dankzij het werk van de Groningse sterrenkundige Teymoor Saifollahi en collega’s. Zij lichtten honderdduizenden foto’s door, op zoek naar zogenoemde aardscheerders: kleine objecten die in hun baan rond de zon in de buurt van de aarde komen.

Lees het hele bericht bij Scientias. (Alweer wat ouder bericht; ik loop wat achter met doorplaatsen…)

Categorieën
Sterrenkunde

Kannibalistisch verleden Melkweg in kaart gebracht

De Melkweg is een kannibaal. Als een kleiner sterrenstelsel in de buurt van ons sterrenstelsel komt, wordt het gegrepen, uit elkaar getrokken en opgevreten. Sporen van die schranspartij zijn vervolgens honderden miljoenen jaren later nog steeds te zien – voor wie weet waar hij naar moet kijken. Rond de Melkweg, in de zogenoemde halo, bevinden zich namelijk slierten en groepjes sterren die te herleiden zijn tot sterrenstelsels die ooit door het onze zijn opgeslokt.

Sterrenkundige Khyati Malhan van het Max Planck-instituut voor astronomie heeft nu samen met collega’s uit dat soort restjes afgeleid dat onze Melkweg zich zes keer eerder te buiten is gegaan aan een ander stelsel. Vijf van die samensmeltingen of mergers kenden we al. Maar de zesde, de verorbering van een stelsel dat de onderzoekers Pontus noemen, is nieuw.

Lees het hele bericht op Scientias.

Categorieën
Sterrenkunde

Heeft het heelal de vorm van een donut?

Als je met je ruimteschip een willekeurige richting in vliegt, blijf je dan maar nieuwe sterren en sterrenstelsels tegenkomen, hoe ver je ook doorgaat? Of zou het ook zo kunnen zijn dat je op een gegeven moment weer bij je beginpunt uitkomt? Dat het heelal, met andere woorden, niet zo oneindig is als je altijd hoort? Om die vraag te onderzoeken, kunnen we ons wenden tot de oudste straling van ons heelal. Wat die ons kan vertellen, onderzocht Ralf Aurich, theoretisch natuurkundige aan de Duitse universiteit van Ulm, samen met collega’s.

Lees het hele artikel op de site van KIJK.