Word Cloud gemaakt met WordCloud.com
Op het vwo kreeg ik geregeld het idee dat talen en bètavakken twee verschillende werelden waren. Je was of goed in het een, of in het ander, en richtte daar je pakket op in.
Wat mijzelf betrof was dat onderscheid toen al onzin; ik schreef en rekende met evenveel plezier (of, op momenten, met evenveel gebrek daaraan). En later, op de universiteit, bleek ik allesbehalve de enige. De sinterklaasgedichten die op pakjesavond voorbijkwamen, lieten zien dat zowat mijn hele ‘peer group’ van natuur- en sterrenkundigen uit taalkunstenaars bestond. Klankdichten, film-noir-scripts, musicals, anagrammen: van alles heb ik in de loop der jaren voorbij zien komen.
Volslanke editie
Ook bij het Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde stuitte het idee van een themanummer over taal niet op weerstand. Sterker nog: in no time stond er een lijstje met potentiële onderwerpen op papier dat ruim voldoende was voor een driedubbeldik nummer.
Uiteindelijk leidde niet elk idee tot een verhaal en moesten we ook ergens een streep trekken. Maar alsnog presenteren we deze week met trots een volslanke editie die vrijwel alleen gaat over de raakvlakken tussen taal en fysica.

Onredelijk of redelijk?
Wat er zoal in staat? Sterrenkundejournalist Govert Schilling en deeltjesfysicus Ivo van Vulpen vertellen over hun gebruik van metaforen bij het populariseren. Wetenschapshistoricus Frans van Lunteren legt uit hoe de woorden ‘natuurwet’, ‘feit’ en ‘ontdekking’ in het vocabulaire van de fysicus belandden. En Gudrun Reijnierse en collega’s schrijven over hun onderzoek naar hoe er in de media over quantumonderwerpen wordt gesproken.
Verder kijkt Marcel Vonk met een moderne bril op naar de ‘onredelijke effectiviteit’ van wiskunde die Eugene Wigner suggereerde, terwijl Vincent Icke (met handgeschreven formules!) juist de redelijkheid van die effectiviteit betoogt. Taalwetenschapper Nicoline van der Sijs plaatst kanttekeningen bij het idee dat Simon Stevin zowat alle Nederlandse vaktermen uit de natuur- en wiskunde eigenhandig bedacht. En zelf behandel ik een aantal taal- en spellingskwesties die bij het schrijven over het vakgebied geregeld voorbijkomen. (Als je higgsdeeltje met een kleine letter schrijft, geldt dat dan ook voor, zeg, het hugenholtztheorema?)
In De Taalstaat
NNV-leden hebben het nummer – als het goed is – inmiddels in de bus gehad. Anderen kunnen het los bestellen op de NNV-site.
Komende woensdag presenteren we het nummer, én de geweldige nieuwe opmaak van Arnold Ritter en Joyce Zethof, op Nikhef, vanaf 16.00 uur. Er zijn nog een paar plekken vrij; opgeven kan hier.
Oh ja, en afgelopen zaterdag mocht ik het nummer kort toelichten tijdens het KRO-NCRV-radioprogramma De Taalstaat. Dat schijn je hier te kunnen terugluisteren (zelf nog niet gedurfd).

Geef een reactie