Gravitatiegolven van ‘te zware’ zwarte gaten gedetecteerd

Als een zware ster ‘overlijdt’, laat ie een zwart gat achter – en volgens onze huidige theorieën kunnen zulke gaten maximaal 45 keer zoveel wegen als onze zon. De twee LIGO-detectoren in de VS en de Europese detector Virgo bij Pisa in Italië hebben echter zwaartekrachtsgolven gezien, afkomstig van twee samensmeltende zwarte gaten met massa’s die daarboven liggen. De vraag is nu hoe zulke gaten hebben kunnen ontstaan.

Lees het hele stuk op de site van New Scientist Continue reading

Schuiven met pi om Einstein te testen

Als wetenschappers ergens zeker van zijn, is het wel dat de waarde van het getal pi overal en altijd hetzelfde is. Deel de omtrek van een cirkel door de diameter, en je krijgt 3,14159 – gevolgd door nog een oneindig lange rij cijfers achter de komma, waarvan er inmiddels enkele biljoenen zijn uitgerekend. Met dat in het achterhoofd klinkt het plan van natuurkundige Carl-Johan Haster in eerste instantie vrij onzinnig: laat pi variëren tussen -20 en 20, en kijk welke waarde het beste werkt.

Nu rekent Haster niet met omtrekken en diameters van cirkels, maar met zwaartekrachtsgolven. Oftewel: de trillingen in de ruimtetijd die volgens Einsteins algemene relativiteitstheorie bijvoorbeeld ontstaan als twee zwarte gaten samensmelten. Zo’n trilling laat zich namelijk omschrijven door een fikse formule die onder meer pi bevat. Door te kijken of de waarde van pi waarbij de formule de trilling het best omschrijft ook overeenkomt met de wiskundige waarde van pi, check je in feite of de relativiteitstheorie wel klopt. Stel immers dat een pi van, zeg, 14,75465 veel beter werkt dan eentje van 3,14159 – dan moet er wel iets mankeren aan die theorie.

Lees de nieuwe Far Out op de site van KIJK of in het net verschenen augustusnummer van het blad. (Overigens had die bladversie als oorspronkelijke kop mijn absolute dieptepunt als koppenbedenker: ‘Einstein op de pi-jnbank.’ Gelukkig had de redactie een beter idee.)

Mini-detector voor zwaartekrachtsgolven voorgesteld

Sinds september 2015 meten we met enige regelmaat zwaartekrachtsgolven: trillingen in de ruimtetijd, veroorzaakt door bijvoorbeeld twee zwarte gaten die samengaan. Probleem is alleen dat je daar detectors voor nodig hebt met kilometerslange tunnels. Kan het ook anders? Ja, denken natuurkundigen Sougato Bose van University College London, Anupam Mazumdar van de Rijksuniversiteit Groningen en collega’s. Door slim gebruik te maken van minuscule diamantjes verwachten zij een detector voor zwaartekrachtsgolven te kunnen bouwen die op een eettafel past.

Lees het hele artikel op de site van New Scientist.

Wel grappig: in 2017 schreef ik voor De Ingenieur een artikel over nv-centra in diamant als meetmethode voor magnetische velden, daarvóór schreef ik twee features voor KIJK over zwaartekrachtsgolven – maar had nooit gedacht dat die twee onderwerpen ooit bij elkaar zouden komen in één stuk.

Wat heeft XENON1T gezien?

Dé gedoodverfde oplossing voor het donkere-materie-probleem is al decennialang de WIMP, voluit weakly interacting massive particle. De vele experimenten die zijn opgetuigd om dit deeltje te vinden, hebben echter nooit een steekhoudende ontdekking kunnen claimen. Wel is met de gevoeligste WIMP-zoeker tot nu toe, XENON1T, iets anders interessants gezien – misschien wel de eerste tekenen van een alternatieve donkere-materie-kandidaat.

Lees het hele bericht op de site van New Scientist.

Erg interessant resultaat. En waar mijn verstand zegt ‘het zal wel weer wegsmelten, of er blijkt een heel aardse verklaring voor’, hoop ik natuurlijk stiekem dat het wél het eerste teken van iets echt nieuws is. Zoals het axion. Dat zou me toch wat zijn. Maar goed, voor nu: hoed je voor al te veel hype en wacht geduldig meer resultaten af. En lees intussen toch maar vast hoofdstuk 9 van De deeltjessafari, over axionen. Gewoon, voor de zekerheid.

Overleden grootouder

Overigens is een van de grootouders van het axion, theoretisch natuurkundige Roberto Peccei, begin deze maand op 78-jarige leeftijd overleden. Samen met collega Helen Quinn bedacht hij eind jaren zeventig het Peccei-Quinn-mechanisme, een oplossing voor een probleem rond de sterke kracht die als bonus een extra deeltje oplevert: het axion. Helaas heeft hij dus het prikkelende resultaat van XENON1T niet meer mogen meemaken.

R.I.P. Heelal: het einde van alles was nog nooit zo leuk

Verschenen: R.I.P. Heelal, over de mogelijke manieren waarop ons heelal ten einde kan komen, geschreven door Ans Hekkenberg, a.k.a. GirlForScience

R.I.P. HeelalIk mocht de eerste proeflezer zijn – en werd meteen de eerste fan. Wat een fantastisch geschreven, interessant, toegankelijk en grappig boekje, over toch bepaald niet het simpelste onderwerp om over te schrijven!

Misschien denk je nu: ja, hallo. Jean-Paul werkt voor de uitgever van het boekje, is een directe collega van de auteur, én was betrokken bij de totstandkoming. Hoe niet-objectief kun je zijn? Maar geloof me: mijn enthousiasme is oprecht. Ik heb inmiddels honderden populairwetenschappelijke artikelen begeleid en heel wat non-fictieboeken gerecenseerd, en zelden heb ik met zoveel plezier zitten lezen.

Dit is hoe het moet, mensen. Koop dat boekje.

 

Maakte kosmische straling ons DNA rechtshandig?

De suikers in ons lichaam zijn altijd rechtshandig. Hetzelfde geldt voor de bouwstenen van ons DNA – die suikers bevatten – en voor onze DNA-moleculen in zijn geheel. De aminozuren waar het aardse leven gebruik van maakt, zijn dan weer linkshandig. Waar dat door komt, is niet duidelijk; er circuleren allerlei mogelijke verklaringen. Astrofysici Noemie Globus van de New York-universiteit en Roger Blandford van de Stanford-universiteit richten hun pijlen op een buitenaardse dader. Volgens hen zou het heel goed zo kunnen zijn dat kosmische straling het aardse leven zijn voorkeur voor bepaalde moleculen meegaf.

Lees het hele artikel op de site van New Scientist.

Is Planet Nine een zwart gat?

Alweer bijna vijftien jaar geleden werd Pluto gedegradeerd tot dwergplaneet, maar dat betekent niet dat ons zonnestelsel voor eeuwig slechts acht volwaardige planeten zal tellen. In 2016 meldden namelijk twee astronomen, Mike Brown en Konstantin Batygin, dat ze mogelijk tekenen hadden gezien van een nieuwe, negende planeet, die tot tien keer zo zwaar als de aarde zou zijn.

Maar inmiddels zijn we vier jaar verder en is niemand erin geslaagd Planet Nine daadwerkelijk met een telescoop in beeld te krijgen. Toch staat het bewijsmateriaal ervoor nog steeds overeind. Allerlei ruimterotsen in de buitenwijken van ons zonnestelsel bewegen op manieren die maar moeilijk te verklaren zijn – tenzij zich daar een zwaar object bevindt dat met zijn zwaartekracht invloed op zijn omgeving uitoefent.

Maar moet dat object dan per se een planeet zijn? Nee, zeggen de Britse natuurkundige Jakub Scholtz en zijn Amerikaanse collega James Unwin in een recent wetenschappelijk artikel. Zij stellen dat we ook met een zwart gat te maken zouden kunnen hebben.

Lees het hele artikel op de KIJK-site.

Welke planeet staat het dichtst bij de aarde?

Wie ook maar een beetje weet hoe ons zonnestelsel in elkaar steekt, zal na het lezen van de vraag boven dit stukje misschien hoofdschuddend doorbladeren. De buurplaneten van de aarde zijn Mars en Venus, zo laat elk plaatje van het zonnestelsel zien, en van die twee staat Venus het dichtst bij ons. Voor dat soort open deuren heb je KIJK niet nodig. Jammer alleen dat het anders zit.

Hoe? Dat lees je op de KIJK-site.

Cirkelen er twee superaardes rond Proxima Centauri?

De ontdekking van planeet Proxima b was in de zomer van 2016 groot nieuws. Niet zo gek ook: deze wereld beschrijft een baan rond Proxima Centauri, een ster die zich maar 4,2 lichtjaar hiervandaan bevindt – een steenworp, naar Melkwegbegrippen. Bovendien staat hij zo dicht bij zijn ster, dat er vloeibaar water kan voorkomen. Nu lijkt een internationaal team van astronomen een tweede planeet bij onze buurster te hebben gevonden: Proxima c. Toegegeven, de kansen voor leven lijken hier miniem. De planeet staat namelijk zo ver van zijn ster af, dat het er naar schatting gemiddeld -233 graden Celsius is. Die grote afstand tussen ster en planeet maakt Proxima c echter op een andere manier juist interessant voor astronomen.

Lees het hele bericht op de site van New Scientist.