Boekbespreking ‘Heerlijk oneerlijk’

Waarom frauderen we? Een klassieke econoom zou zeggen: omdat we, als we een buitenkansje zien, een afweging maken tussen de opbrengst van zo’n actie en de mogelijk negatieve gevolgen – zeg, een boete als de politie ons snapt. Vinden we dat de te verwachten winst opweegt tegen de risico’s, dan gaan we over op oneerlijk handelen. Gedragseconoom Dan Ariely is het daar echter niet mee eens. In zijn nieuwe boek Heerlijk oneerlijk betoogt hij dat frauderen helemaal niet zo’n simpele, rationele aangelegenheid is. Zo blijken de pakkans en de grootte van de opbrengst nauwelijks invloed te hebben op onze bereidheid om de fout in te gaan.

Lees mijn volledige bespreking van Dan Ariely’s nieuwe boek Heerlijk oneerlijk op de KIJK-site.

RQ: hoe goed ben je in het inschatten van kansen?

Het stikt in ons leven van de onzekerheden. Misschien wordt het project waar je nu op je werk mee bezig bent wel een enorme flop. Misschien is je nu nog hartstochtelijke relatie over een halfjaar op de klippen gelopen. En misschien (héél misschien) win je wel een miljoen in de loterij. Maar hoe goed ben je in het inschatten van dat soort kansen? Of, met ander woorden, hoe hoog is je risico-intelligentie? Daarover gaat RQ.

Lees mijn recensie van het boek RQ op de KIJK-site.

Lunch maakt jaloerser dan koffie

Binnen een relatie steekt het onvermijdelijk een keer de kop op: het groene monster, oftewel jaloezie. Bijvoorbeeld wanneer een van beide partners al te veel tijd met een bepaalde ex doorbrengt. En, zo lijkt onderzoek van de Amerikaanse wetenschappers Kevin Kniffin en Brian Wansink aan te tonen: vooral als er met die ex gegeten wordt, is een flinke dosis jaloezie het gevolg.

Eens wat anders dan het higgsdeeltje :) Lees het volledige bericht op de KIJK-site.

‘Psychologen moeten bewijzen dat hun resultaten nieuw zijn, niet dat ze waar zijn’

“High-impact journals often regard psychology as a sort of parlour-trick area,” says [Chris Chambers, an experimental psychologist at Cardiff University, UK]. Results need to be exciting, eye-catching, even implausible. Simmons says that the blame lies partly in the review process. “When we review papers, we’re often making authors prove that their findings are novel or interesting,” he says. “We’re not often making them prove that their findings are true.”

Simmons should know. He recently published a tongue-in-cheek paper in Psychological Science ‘showing’ that listening to the song When I’m Sixty-four by the Beatles can actually reduce a listener’s age by 1.5 years. Simmons designed the experiments to show how “unacceptably easy” it can be to find statistically significant results to support a hypothesis.

Lang, maar erg interessant artikel op de Nature-site van wetenschapsjournalist Ed Yong over hoe lastig het is binnen de psychologie om onderzoek gepubliceerd te krijgen waarbij is geprobeerd eerdere experimenten te reproduceren, met name als dat niet is gelukt. Met een alineaatje over ‘onze’ Diederik Stapel.