Nootjes verzamelen voor de kosmische winter

Ons heelal dijt uit. Sterker nog: het dijt steeds snéller uit, zo weten we sinds 1998: de zogenoemde donkere energie duwt de sterrenstelsels in ons heelal met een steeds groter tempo bij elkaar vandaan. Nus dat voor ons niet echt iets om van wakker te liggen – maar voor een beschaving in de verre toekomst zou het wel degelijk een probleem kunnen zijn, stelt de Amerikaanse deeltjesfysicus Dan Hooper in een nieuw artikel. Op de lange termijn zorgt dat versneld uitdijende heelal er namelijk voor dat steeds meer sterren buiten bereik komen te liggen – en daardoor niet meer te gebruiken zijn als energiebron. Misschien zou zo’n beschaving die ontwikkeling echter niet met lede ogen aanzien, maar in actie komen.

Lees de nieuwste aflevering van mijn rubriek ‘Far Out’ op de KIJK-site. 

(Onderwerp had overigens mooi gepast in mijn boek Verstoppertje spelen met aliens, maar ik vrees dat de kans op een aangevulde nieuwe editie erg klein is… Gelukkig heb ik andere plekken waar ik dit soort verhalen goed kwijt kan. Beleef zelf nog altijd erg veel lol aan het schrijven ervan.)

Is een wormgat een gratis superdeeltjesversneller?

27 kilometer: dat is de omtrek van ’s werelds grootste deeltjesversneller, de LHC bij Genève. En hoewel deze megamachine nog lang niet met pensioen gaat, dromen deeltjesfysici al van een nog grotere versneller, met een omtrek van 80 tot 100 kilometer. Want: hoe groter je versneller, hoe hoger de energie waarmee je deeltjes in zo’n versneller op elkaar kunt laten botsen. En hoe hoger die botsingsenergie, hoe meer je mag hopen op nieuwe deeltjes of natuurkundige verschijnselen.

Eén energie heeft daarbij onder fysici een haast mythische status: de zogenoemde planckenergie. Bij die energie, die naar deeltjesbegrippen onvoorstelbaar hoog is, kunnen bijvoorbeeld microscopisch kleine zwarte gaten uit het niets tevoorschijn ploppen. Ook kunnen er verschijnselen optreden die ons vertellen hoe we de zwaartekracht en de andere krachten die ons heelal bestieren, kunnen onderbrengen in één theorie; iets waar wetenschappers al decennialang naar op zoek zijn.

Probleem is alleen: als je met een LHC-achtige deeltjesversneller de planckenergie wilt bereiken, zal dat apparaat zo groot als ons hele zonnestelsel moeten worden. Onnodig te zeggen dat zo’n bouwproject voorlopig buiten bereik van de mensheid ligt.

Zullen we dus nog eeuwen moeten wachten voordat we de planckenergie kunnen verkennen? Niet per se, zegt de Russische natuurkundige Serguei Krasnikov. Hij denkt dat zulke versnellers misschien wel gratis en voor niets in het heelal te vinden zijn – in de vorm van wormgaten.

Lees de nieuwste aflevering van mijn rubriek Far Out, over speculatieve natuur- en sterrenkunde, op de KIJK-site.

Is de octopus een alien?

Wie weleens een octopus heeft gezien, al is het maar op ijs bij de visboer, weet: dit is een heel vreemd beest. Dat grote, zakachtige lijf, die papegaaiachtige snavel, die acht armen vol zuignappen… En dan kunnen ze ook nog allemaal gekke dingen, zoals inkt spuiten en van kleur veranderen.

Niet zo gek dus dat biologen het dier af en toe bewonderend omschrijven als een ‘alien op aarde’. Dat bedoelen ze dan alleen niet letterlijk. De octopus is immers net zozeer het product van aardse evolutie als elke andere soort die hier rondloopt, -vliegt, -kruipt of -zwemt.

Of… toch niet? Onlangs betoogde een groep wetenschappers dat octopussen letterlijk buitenaardse wezens zijn. Volgens hen is het aannemelijk dat er ooit octopuseitjes uit de ruimte op aarde zijn beland. Dat zou al die gekke eigenschappen van het dier verklaren.

Lees de nieuwste aflevering van mijn rubriek Far Out op de KIJK-site.

Kunnen we ‘Oumuamua nog inhalen?

Ons zonnestelsel heeft bijzonder bezoek gehad: eind oktober ontdekten Hawaiiaanse onderzoekers ‘Oumuamua, het eerste object afkomstig uit een ander planetenstelsel dat we hebben waargenomen. Voor astronomen zou een droom uitkomen als ze deze unieke ruimterots van dichtbij zouden kunnen bestuderen. Want nooit eerder hebben we de kans gehad om een sample van buiten ons zonnestelsel onder de loep te nemen. Probleem is alleen dat ‘Oumuamua momenteel van ons zonnestelsel vandaan beweegt met een snelheid van tientallen kilometers per seconde. Als je dan vervolgens bedenkt dat het snelste door mensen gebouwde ruimteschip ‘maar’ rond de 17 kilometer per seconde gaat, zou je zeggen: kans gemist. Die halen we nooit meer in. Maar wat als we dat nu toch proberen?

Nu te lezen op de KIJK-site: de nieuwe aflevering van de serie ‘Far Out’!

Leven we in een computersimulatie?

Alles om ons heen is niet echt, maar een computersimulatie gerund door een of andere geavanceerde beschaving. Dat idee stond al aan de basis van de bijna twintig jaar oude sciencefictionfilm The Matrix, maar ook anno 2017 wordt er nog steeds driftig over gediscussieerd. Vooral in Silicon Valley raken ze er schijnbaar niet over uitgepraat. “Op een gegeven moment ging zo’n beetje élk gesprek dat ik voerde erover”, zei SpaceX- en Tesla-directeur Elon Musk onlangs nog in een interview.

Volgens Musk zelf is de kans trouwens ontzettend groot dat we in een simulatie leven. Zijn redenering: in ruim veertig jaar tijd zijn we van supersimpele computerspelletjes als Pong geëvolueerd naar fotorealistische, driedimensionale simulaties waar miljoenen mensen tegelijk in spelen. Trek je die ontwikkeling door naar de toekomst, dan hebben we over 10.000 jaar ‘games’ die op geen enkele manier van de werkelijkheid zijn te onderscheiden. “Die spellen kun je dan spelen op elke spelcomputer of pc, waarvan er waarschijnlijk miljarden zullen zijn”, vervolgt Musk. “Dan lijkt dus de kans dat we in de echte werkelijkheid leven, en niet in een van die games, één op een paar miljard.”

Toch verschenen er in september en oktober allerlei nieuwsberichten online die claimden dat wetenschappers hadden bewezen dat het heelal géén simulatie is. Kan iedereen die liever een mens van vlees en bloed is in plaats van een gamepersonage dus opgelucht ademhalen?

Lees mijn nieuwste aflevering in de reeks ‘Far out’ op de KIJK-site!

Energie winnen op Titan

Terwijl er nog behoorlijk wat werk moet worden verzet voordat we astronauten naar Mars kunnen sturen, denken de Amerikaanse planeetwetenschappers Amanda Hendrix en Yuk Yung al een stap verder. Wat zou ervoor nodig zijn om te overleven op Titan, de grootste maan van Saturnus? In een recent wetenschappelijk artikel proberen ze uit te vogelen hoe je daar de energie zou kunnen opwekken om een flinke nederzetting draaiende te houden.

Lees het hele artikel op de KIJK-site.

Gps ingezet om ‘foutjes in de ruimte’ te vinden

Het is misschien wel de grootste ‘inconvenient truth’ binnen de sterrenkunde: astronomen ontdekken steeds beter hoe ons heelal in elkaar steekt, maar wat donkere materie is, kunnen ze ons nog steeds niet vertellen. En dat terwijl we het hier allesbehalve over een randverschijnsel hebben; zo’n 85 procent van de massa in ons universum bestaat uit deze mysterieuze vorm van materie. Een team van Amerikaanse en Canadese wetenschappers heeft nu geprobeerd om donkere materie te identificeren op een verrassende manier: door handig gebruik te maken van het gps-netwerk dat de aarde omhult.

Lees het hele artikel op de KIJK-site.

Hoe snel kan een zwart gat rondtollen?

Terwijl het grote publiek Interstellar alweer een beetje is vergeten, is de sciencefictionfilm nog steeds een inspiratiebron voor wetenschappers. Zoals de Amerikaanse natuurkundigen Samuel Gralla, Scott Hughes en Niels Warburton. Onlangs plaatsten ze een artikel online met de titel ‘Inspirals into Gargantua’, een verwijzing naar het enorme zwarte gat dat een cruciale rol speelt in de blockbuster. Stel dat een zwart gat van dit type echt zou bestaan in ons heelal, zo vragen ze zich af. Kunnen we dat dan waarnemen?

Lees het volledige bericht op de KIJK-site.

Singulariteit oerknal te omzeilen dankzij complexe getallen?

De oerknal of Big Bang, daarmee zou het 13,8 miljard jaar geleden allemaal zijn begonnen. Tenminste, dat is wat de meeste sterrenkundigen je zullen vertellen. Een klein groepje wetenschappers vermoedt dat ‘het begin der beginnen’ eigenlijk een doorstart was van het vorige universum. Daarmee zou de Big Bang eigenlijk een zogenoemde ‘Big Bounce’ zijn geweest. Helaas is dat intrigerende scenario niet goed te verkennen met onze huidige natuurwetten. Maar de natuurkundigen Steffen Gielen en Neil Turok denken daar iets op te hebben gevonden.

Lees het hele artikel op de KIJK-site.

Ik vind dit soort artikelen over speculatieve natuur- of sterrenkundepapers trouwens hartstikke leuk om te maken – maar vraag me wel altijd af of de resulterende stukken niet toch wat lastig zijn voor de geïnteresseerde leek. Heb je daar een mening over, dan hoor ik die uiteraard graag!