Categorieën
Sterrenkunde

Het einde van de Bussard ramjet?

We hebben het er in KIJK wel vaker over: eigenlijk zijn de raketten die we nu gebruiken binnen de ruimtevaart helemaal niet handig. Vooral vervelend is dat ze brandstof nodig hebben – brandstof die je dus met je mee moet zeulen. Daar wordt je ruimteschip zwaarder van, en een zwaarder ruimteschip… heeft meer brandstof nodig om op snelheid te komen.

Maar wat nou als je die brandstof niet meeneemt, maar onderweg verzamelt? Dat is het idee achter de interstellar ramjet, die de Amerikaanse kernfysicus Robert Bussard bedacht in 1960. Sciencefictionschrijvers omarmden het idee – zie bijvoorbeeld de klassieker Tau Zero van Poul Anderson – maar natuurkundigen publiceerden er relatief weinig over. Nu heeft de Oostenrijker Peter Schattschneider – natuurkundige én sciencefictionschrijver – de handschoen alsnog opgepakt. Helaas bieden zijn berekeningen weinig hoop.

Lees het hele artikel op de KIJK-site. Het stuk is eerder gepubliceerd in KIJK 5/2022, waar ik ook het coververhaal voor schreef.

Tau Zero heb ik trouwens al jaren in de kast staan, maar nooit gelezen. Binnenkort maar eens verandering in brengen. En dan maar even wegstoppen dat die hele Bussard ramjet waarschijnlijk nooit een realistisch ontwerp zal zijn.

Categorieën
Sterrenkunde

‘Op de maan zijn zuurstof en brandstof te produceren’

Als de mensheid straks bases op de maan heeft, is het natuurlijk niet handig als we continu spul vanaf de aarde moeten aanvoeren om de boel daar draaiende te houden. Liever maken we ter plekke de zuurstof die je astronauten inademen en de brandstof die de apparatuur nodig heeft. En dat kan ook, stellen materiaalwetenschapper Yingfang Yao van de Nanjing-universiteit in China en collega’s. Met dank aan de zon én de maan.

Lees het hele bericht bij Scientias.

Categorieën
Sterrenkunde

Deze planeten maken de grootste kans op een bewoonbare maan

Inmiddels zijn er meer dan vijfduizend exoplaneten ontdekt; planeten die een baan beschrijven rond een andere ster dan onze zon. Maar op de eerste bevestigde ontdekking van een exomáán – een maan rond een exoplaneet – wachten we nog steeds. Toch hebben sterrenkundige Vera Dobos (Rijksuniversiteit Groningen) en collega’s alvast geprobeerd uit te zoeken welke exoplaneten de grootste kans maken om een bewóónbare maan te hebben.

Lees het hele (alweer wat oudere) bericht bij Scientias.

Categorieën
Sterrenkunde

Twijfels over donkere energie in het zomernummer van KIJK

Ik ben – bekentenis – vroeger nooit daadwerkelijk KIJK-abonnee geweest. Wel kocht mijn vader altijd een nummer als we op vakantie gingen, voor op de achterbank. En dat nummer ploos ik dan van voor tot achter uit. Tot de schaakrubriek aan toe, ook al schaakte ik helemaal niet. Je leest iets of je leest het niet, redeneerde ik blijkbaar toen.

Wie nu op vakantie gaat, kan nog steeds terecht bij KIJK, waarvan net het extra dikke zomernummer is verschenen. Zelf schreef ik daarvoor een artikel over het idee dat de donkere energie, die het heelal steeds sneller uit zou laten dijen, volgens onder meer de Oxfordse hoogleraar Subir Sarkar mogelijk niet bestaat.

Interessant is het om naar aanleiding daarvan deze eerdere, twijfelende blogpost terug te lezen, toen ik voor het eerst iets had geschreven over Sarkars werk. Inmiddels geeft dit opiniestuk voor New Scientist mijn mening beter weer: ik zeg niet dat donkere energie niet bestaat, maar vind wel dat je constant het huidige model van de kosmologie op alle denkbare manieren moet blijven bevragen. Ik zie in deze tak van sport iets te veel ‘het is hoe we zeggen dat het is en daarmee basta’ en iets te weinig ‘he, interessant, vertel eens wat meer’, als iemand een scheurtje in ons beeld van het heelal lijkt te hebben gevonden.

Ook in dit nummer: mijn Far Out over het idee om zwaartekrachtgolven te meten door de afstand tot de maan goed in de gaten te houden, en mooie artikelen over de winnaars en verliezers van de energietransitie, hoe ons geheugen ons parten kan spelen als we een alibi moeten geven, het leven van Anthony Fokker, en meer. Geen schaakrubriek, trouwens.

Bestel het zomernummer van KIJK hier.

Categorieën
Sterrenkunde

Is de hubblespanning weg te nemen door het jonge heelal op te schalen?

Hoe verder een sterrenstelsel van ons vandaan staat, hoe sneller het van ons vandaan beweegt. Dat stelden verschillende astronomen, waaronder de Amerikaan Edwin Hubble, in de eerste decennia van de twintigste eeuw vast. Dit is het gevolg van het feit dat het heelal sinds de oerknal uitdijt. Maar met welke snelheid doet het dat? Daarover discussiëren astronomen de laatste jaren flink: verschillende meetmethodes geven verschillende antwoorden.

Nu stellen de Amerikaanse astrofysici Francis-Yan Cyr-Racine (Universiteit van New Mexico), Fei Ge en Lloyd Knox (beide Universiteit van Californië te Davis) een uitweg voor. Als we het vroege heelal op de juiste manier manipuleren én aannemen dat zogenoemde spiegeldeeltjes bestaan, kunnen we uitkomen op één uitdijsnelheid van het heelal.

Lees het hele artikel bij Scientias. (Maar het had ook zomaar een Far Out-aflevering in KIJK kunnen zijn…)

Categorieën
Sterrenkunde

Recordaantal elementen herkend in één ster

Hoe ontstaan de elementen waar alles om ons heen van gemaakt is? Voor de zwaardere atoomsoorten zijn we daarbij aangewezen op gewelddadige gebeurtenissen in het heelal: botsende neutronensterren of zware sterren die als supernova exploderen. Om dat proces beter te kunnen doorgronden, hebben astronoom Ian Roederer (Universiteit van Michigan) en collega’s zoveel mogelijk elementen geïdentificeerd in de ster HD 222925.

Onder andere blijkt deze ster in het sterrenbeeld Toekan een aantal metalen te bevatten waar de harten van ons aardbewoners altijd sneller van gaan kloppen: zilver, goud en platina. Maar ook de elementen wolfraam, molybdeen, osmium en iridium, om er maar vier te noemen, maken deel uit van de ster.

Lees het hele bericht bij Scientias.

Categorieën
Sterrenkunde

Aardse data op (of in) de maan?

Vorig jaar schreef Scientias al over plannen om zaden, sporen, sperma en eicellen van 6,7 miljoen soorten op te bergen in gangenstelsels onder het maanoppervlak. Het Amerikaanse bedrijf Lonestar wil iets soortgelijks gaan doen, maar dan met belangrijke data.

“Ik vind het onbegrijpelijk dat we onze kostbaarste bezittingen – onze kennis en data – alleen hier op aarde bewaren”, zegt Chris Stott, CEO van Lonestar, tegenover de Britse IT-site The Register. “We moeten ze veiligstellen op een plek hier ver vandaan.” De maan dus.

Lees het hele bericht bij Scientias.

Leuk, nog een plannetje voor de maan, naast de voorbeelden die ik behandel in het meinummer van Eos. (Zie ook dit bericht voor New Scientist.)

Geen idee wat er allemaal van gaat komen, maar op een bepaalde manier inspireert het me wel. Voelt een beetje als de eerste, heel voorzichtige stapjes richting een The Expanse-achtig zonnestelsel.

Categorieën
Sterrenkunde

Hoe geef je Mars een magneetveld?

Na de aarde is Mars de meest leefbare planeet van ons zonnestelsel – maar stel je daar niet al te veel bij voor. De gemiddelde temperatuur aan het oppervlak is zo’n 60 graden onder nul. De atmosfeer bevat nauwelijks zuurstof. En de luchtdruk is er zo laag dat het water in je longen, ogen en speeksel er spontaan van zou gaan koken. Een verblijf op Mars komt daardoor neer op: lekker in je (hopelijk) veilige habitat blijven, op een incidentele wandeling in astronautenpak na.

Tenzij… we Mars weten te ‘terraformen’. Oftewel: de omstandigheden op onze buurplaneet zo naar onze hand zetten dat we er wél naar buiten kunnen lopen zonder binnen de kortste keren het loodje te leggen.

Een belangrijke stap is dan het aanleggen van een magneetveld. Natuurkundige Ruth Bamford van het Britse Rutherford Appleton Laboratory heeft nu samen met collega’s verschillende manieren doorgerekend waarmee we dat voor elkaar kunnen krijgen. Ergens in de verre, verre toekomst. Als we dat héél, héél graag zouden willen.

Lees het hele artikel – eerder verschenen in KIJK 4/2022 – nu op de KIJK-site!

Categorieën
Overige wetenschap Sterrenkunde

Hoe zien aliens eruit?

Die vraag beantwoord ik – een beetje – in het coververhaal van het meinummer van KIJK.

Preciezer is de vraag: wat kan de aardse evolutie ons vertellen over leven op andere planeten? Welke eigenschappen delen de organismen hier waarschijnlijk met organismen die zijn ontstaan hier lichtjaren vandaan, onder heel andere omstandigheden?

KIJK 5/2022
Categorieën
Sterrenkunde

Drie aardscheerders blijken toch geen gevaar

Als een planetoïde of komeet de aarde raakt, kan dat enorme gevolgen hebben – vraag maar aan de dino’s. Daarom houden de Europese ruimtevaartorganisatie ESA en diens Amerikaanse evenknie NASA een Risk List bij met planetoïden die binnen honderd jaar kans maken in te slaan op onze planeet. Van die lijst zijn recent drie exemplaren geschrapt, die bij nader inzien toch geen gevaar voor ons vormen.

Dat was mogelijk dankzij het werk van de Groningse sterrenkundige Teymoor Saifollahi en collega’s. Zij lichtten honderdduizenden foto’s door, op zoek naar zogenoemde aardscheerders: kleine objecten die in hun baan rond de zon in de buurt van de aarde komen.

Lees het hele bericht bij Scientias. (Alweer wat ouder bericht; ik loop wat achter met doorplaatsen…)